NOOIT TE OUD VOOR... EEN RIGOUREUZE OMMEZWAAI

‘MEER DAN DAT HANDIGE KLUSVROUWTJE’

Tekst Eva Prins Beeld Jeannette Schols

Van een net pak naar een werkbroek met kniestukken. Na een carrière als congres- en evenementenorganisator, werd Jet Key (67) zes jaar geleden klusvrouw. Haar klanten zijn vooral ouderen. ‘Ik heb er ontzettend veel plezier in.’

Met haar zelfgebouwde rode kluskar achter de fiets is Jet Key een opvallende - en inmiddels redelijk bekende - verschijning in Amsterdam. Ze is er voor ‘alles dat je een klusje noemt’, zegt ze. Verbouwingen doet ze niet, maar wel een muurtje schilderen, plankje ophangen of een lekkende kraan repareren.

TE OUD

Eind jaren ’80 van de vorige eeuw was Key, fervent zeezeiler, vier jaar directeur van Sail 1990. ‘Het leukste dat ik ooit heb gedaan.’ Toen dat ophield, volgde een carrière als congres- en evenementorganisator. Tot ze, inmiddels 58, zonder werk kwam te zitten. ‘En toen kwam ik niet meer aan de bak’, vertelt ze. ‘Ik vond dat enorm frustrerend. Ik had een goed cv, maar was gewoon te oud, alleen zegt niemand dat hardop.’

HET ROER OM

Een jaar zonder inkomsten verder, besloot Key dat het roer rigoureus om moest. ‘Ik ben handig, deed altijd kleine klussen. Zo ben ik verder gaan denken. Toen mijn ouders op leeftijd waren, hadden ze zo’n handig mannetje. Die kwam de televisie installeren of een lampje vervangen. Ik dacht: zo’n markt moet er nog steeds zijn.’

En zo trekt ze op een dag de stoute schoenen aan en belt aan bij de oude mensen in haar straat. Of ze wel eens hebben gedacht: had ik maar zo’n handig mannetje, voor dat slot dat piept of die scheve gordijnrail? En of dat mannetje ook een vrouw mocht zijn? Acht keer krijgt ze hetzelfde antwoord: ‘Ja, maar die kennen we niet’. Twee maanden later gooit Key bij dezelfde acht mensen een knalrode folder in de bus: HIER BEN IK! ‘Vier dagen later belde de eerste en het is nooit meer opgehouden.’

CORONACRISIS

Dat wil zeggen: tot nu. Vanwege de coronacrisis ligt haar werk grotendeels stil, vooral ook omdat veel van haar klanten 70-plussers zijn. ‘Voor sommigen van hen doe ik nu boodschappen’, vertelt ze. ‘Niet als klusvrouw, maar als buurvrouw.’ In al die jaren heeft ze een trouwe vaste klantenkring opgebouwd voor wie ze vaak meer is dan ‘dat handige vrouwtje’. ‘Het sociale aspect had ik van tevoren niet bedacht’, zegt ze. ‘Veel ouderen zijn stikalleen. Zeker nu. Soms ben ik de enige die ze in een week zien. Dat is toch erg?’

BURENHULP

Haar kracht: ze is behalve sociaal, van vele markten thuis. ‘Ik heb mensen ook wel eens iPad-les gegeven.’ En ze is flexibel, ook in prijs. Is het dichtbij en iemand vaste klant? Dan komt ze voor niks ook wel eens een peertje indraaien. ‘Dat is burenhulp.’ Dat ze vrouw is, is voor met name ouderen ook een pré, denkt ze. ‘Dat voelt voor hen toch veiliger.’

Zorgen vanwege de crisis maakt Key zich niet, want sinds een half jaar heeft ze AOW en een klein pensioen. Desondanks blijven extra inkomsten welkom, ‘voor de kers op de taart.’ Dat ze doorgaat, is echter vooral omdat ze het nog steeds ‘ongelofelijk leuk’ vindt om te doen. ‘Mensen zijn zo blij met je, dat geeft enorm veel voldoening. En ik blijf er fit van.’