INTERVIEW

Adelheid Roosen (62)

‘ONDANKS ALLE ELLENDE BLIJF IK EEN ONVERBETERLIJKE OPTIMIST’

Tekst Sara Madou Beeld Milan Vermeulen

'JE WERKT VOOR JE BROOD, ZO BEN IK OPGEVOED'

Met overgave strijdt theatermaakster Adelheid Roosen (62) tegen bureaucratie, het ‘ongezonde’ zorgsysteem en andere ‘ellende in onze maatschappij’. Maar pessimistisch is ze niet. ‘Zorgen, elkaar ondersteunen, actie ondernemen tegen onrecht: ik geloof heilig dat het in ons allemaal zit.’

Als theatermaker werk je in een sector waar momenteel harde klappen vallen. Wat zijn de gevolgen geweest voor je eigen werk?

‘Ik ben artistiek leider van een theatergezelschap: Adelheid+Zina. Mijn zakelijk leider Bregtje en ik zien elkaar eens per week, op veilige afstand, met mondkapje en de benen op tafel. Dan nemen we door hoe we er financieel voor staan, hoe het met onze werknemers gaat, welke projecten er staan en wat on hold moet. Het is veel regelen, maar die zorgen dwingen je ook tot activiteit. Natuurlijk kun je niet alles oplossen. Toch helpt het al wanneer je het in ieder geval probéért.’ ‘Zo hadden we voor corona een grote voorstelling gepland, waarvoor tachtig sterke vrouwen uit de verschillende wijken van de stad op het podium zouden gaan staan. Dat kon natuurlijk niet. Toch wilde ik met hen doorwerken, juist nu de vrouwen extra stress om zich heen ervaren. Via Zoom-gesprekken en met hulp van de Turkse pedagoge Jale Simsek onderzoeken we manieren om toch die intieme onderlinge band te voelen. De zoektocht maakt het project nu al extra waardevol.’ 

Ben je bang voor de toekomst, of je nog in je levensonderhoud kunt blijven voorzien? Je bent nu 62, heb je bijvoorbeeld je pensioen goed geregeld? 

‘Ik ben opgevoed met het idee dat je werkt voor je brood. Dus ik werd zzp’er vanaf het moment dat ik van de academie kwam. Mijn werk is mijn leven en qua inkomsten ben ik grotendeels afhankelijk van mijn eigen inzet en plannenmakerij. In dienst zijn, waar alles voor je geregeld wordt, ken ik niet.’ ‘Soms denk ik wel eens na of ik mijn pensioen beter zou moeten regelen. Daar heb ik me nog niet in verdiept, eerlijk gezegd. Ik kan wel verbaasd zijn over kritiek op freelancers, terwijl ik naar mijn beleving nergens een systeem belast. Ik regel alles zelf: van boekhouder tot verzekeringen, van eigen werk creëren tot aan werkgelegenheid voor anderen. En ik heb altijd mijn eigen broek opgehouden. Wat is dan in godsnaam het probleem?’

Over ouder worden gesproken: samen met Hugo Borst maakte je Thuis Op Zuid. Een bijzonder tv-programma, waarin jullie mensen met dementie en hun hulptroepen laten zien. Je spreekt je ook regelmatig uit voor een betere ouderenzorg. Waarom is dit onderwerp zo belangrijk voor je?

‘Ik heb op persoonlijk vlak veel ervaring met alles wat ouder worden in het algemeen en dementie in het bijzonder met zich mee kan brengen. Mijn oma had het, al heette het toen nog 'aderverkalking', en mijn moeder ook. Twaalf jaar lang ben ik haar mantelzorger geweest, vier jaar geleden is ze overleden.’ ‘Het zorgsysteem noemen Hugo en ik 'georganiseerd wantrouwen'. Je snapt zoiets pas écht als je er zelf intensief mee te maken krijgt. Mijn moeder kwam eerst in een groot verzorgingstehuis waar veel problemen waren. Ik vond dat onacceptabel en ben binnengedrongen bij de directie. Daar was de oorzaak voor mij meteen duidelijk. Zo’n directie heeft geen idee wat er zich op de vloer afspeelt, er is veel te veel afstand tot de praktijk. Zoveel bureaucratie, zoveel regels, steeds meer managementlagen: dat wordt pervers.’

Hoe was het om in die situatie voor je moeder te zorgen?

‘Bij dementie krijg je te maken met het spiegeleffect: iemand gaat volledig terug naar zijn of haar status als kind. Ik werd min of meer de moeder van mijn moeder. Dat gaat heel geleidelijk. Zij werd warrig, dan vallen woorden weg en uiteindelijk lag mijn mam in een foetushouding en woog ze nog maar 37 kilo. Een fragiel proces dat voor mij, in de relatie met mijn moeder, veel moois heeft gebracht. Ons contact is echt verdiept in die jaren. Daarom vond ik het mantelzorgen ook niet zwaar.’ ‘Uiteindelijk is ze verhuisd naar een kleinschalige instelling. Daar was het heel fijn en kon ik binnen wandelen wanneer ik wilde. Voor mijn werk ben ik vaak ‘s avonds op pad en dan ging ik regelmatig daarna bij mijn moeder langs. Zat ik daar bij haar in bed, laptop op schoot, met mijn ene hand mails te tikken en mijn andere arm om haar heen. Soms pruttelde ze wat, of werd ze wakker en zei 'ik wil een soesje', wat ik dan voor haar in de keuken ging halen. Dat waren ontzettend mooie en waardevolle avonden, met veel humor ook.’

‘IK WERD MOEDER VAN MIJN DEMENTE MOEDER’

Veel mensen vinden het lastig met dementerenden om te gaan. Hoe komt dat denk je?

‘Het is een onontkoombaar proces, dat ontzettend snel kan gaan. Dat is soms moeilijk te accepteren. Je verlangt terug naar hoe je moeder of vader vroeger was. Maar als de ziekte er eenmaal is, gaat hij niet meer weg. Je ziet vaak de neiging om, vol goede bedoelingen, een mens met dementie te corrigeren. De juiste namen van de kleinkinderen noemen of opmerkingen als 'hoe kom je dáár nou bij?'. Ook leeft er frustratie, vermomd als boosheid. Je bent zo gefocust op wat de ander niet meer kan, dat je niet ziet wie je moeder aan het worden is. Het kan een prachtig en teder proces zijn. Hoe lastig ook: probeer het te zien als iemand liefdevol begeleiden naar de dood. En onthoud: het hart wordt nooit dement.’

Ben je, door deze ervaring, zelf bang om dement te worden?

‘Soms denk ik er wel eens over na, maar nooit te lang. Met piekeren schiet je niks op. Dan onderneem ik liever actie. Zo hebben we de AlzheimerFluisteraar bedacht, een project waarbij we laten zien hoe mooi het is als je mee durft te gaan in de bewegingswereld van de mensen die ziek zijn. En we gaan een vervolg maken op Thuis Op Zuid. Hoe meer je in deze materie zit, hoe meer je ontdekt dat het systeem echt anders moet.’ 

Op welke manier dan?

‘Ons zorgsysteem zit zeer ongezond in elkaar. Voor patiënten én verzorgenden. Verpleeghuizen zouden maatwerk moeten leveren. Daarom heb ik, met een groep gelijkgestemden, onlangs een openbaar verzoek geschreven aan de regering. Daarin adviseerden we om de verpleeghuizen niet meer volledig te sluiten voor bezoek, zoals in de eerste coronagolf gebeurde. Sommige mensen lopen écht liever het risico dat ze iets eerder doodgaan maar dan met hun familie om zich heen, dan dat ze in eenzaamheid wat later sterven. Die keuze moet je mensen geven.’ ‘Maar ook buiten coronatijden is alles ingesteld op dat georganiseerde wantrouwen, door een overdosis aan protocollen, regels en checklists. Terwijl het anders kán. Ik ken zorghuizen die de menselijke waarden voorop stellen en de protocollen als aanvullend daarop gebruiken in plaats van andersom. Die draaien als een zonnetje. Tijdens de tv-opnames hadden we Hugo de Jonge als gast en legden hem dat protocollensyndroom voor. Hij zei: 'De regel niet snappen is hem schrappen'. Helaas blijft een vervolgactie vooralsnog uit. Het systeem zit vastgeroest en verandering moet van bovenaf komen.’ ‘Bureaucratie, de zogeheten paarse olifant, is sowieso mijn grote frustratie. Laatst ook, toen ik een nieuw pasje van de gemeente nodig had voor mijn parkeerplek. Daar ben ik een uur of zeven mee bezig geweest. Van de zestien mensen die ik sprak hadden vijftien geen idéé waar ik het over had. Terwijl het een pasje is dat ze zelf bedacht hebben hè? Ik kan me de tijd nog herinneren dat je geholpen werd als je de gemeente nodig had.’

Je haalt voor je werk veel inspiratie uit maatschappelijke kwesties. Waar komt die betrokkenheid vandaan? 

‘Ik heb het altijd al gehad. Vroeger, op het hoogtepunt van de aidsepidemie, was ik buddy van een aantal hiv-patiënten. Ook heb ik voorstellingen gemaakt met daklozen en vluchtelingen. Ondanks alle ellende blijf ik een onverbeterlijke optimist. Ik beweeg me graag tegen de stroom in. Tijdens de opnames van Thuis Op Zuid bijvoorbeeld mochten we vanwege corona geen fysiek contact hebben met de mensen. Maar als een bewoner haar armen open gooit voor een omhelzing, wil ik haar niet afwijzen. Dus ik heb me laten testen en ben in zelfquarantaine gegaan. Alleen voor de opnames ging ik de deur uit, in mijn eigen auto, verder zag ik niemand. Zorgen, elkaar ondersteunen, actie ondernemen tegen onrecht: ik geloof heilig dat het in ons allemaal zit. Het systeem dat we hebben gebouwd zit ons nu in de weg, daarom moedig ik iedereen van harte aan om daar tegenin te gaan. Dan maak je niet alleen je eigen leven leuker, maar ook dat van anderen.’

‘BUREAUCRATIE, DE ZOGEHETEN PAARSE OLIFANT, IS MIJN GROTE FRUSTRATIE’

ADELHEID ROOSEN (1958)

Adelheid Roosen is artistiek leider van Adelheid+Zina, actrice, theater- en documentairemaakster en werkt al ruim dertig jaar als docent aan de Amsterdamse Toneelschool & Kleinkunstacademie. Samen met Hugo Borst maakte ze de tv-programma’s In de Leeuwenhoek en Thuis Op Zuid, over verzorgingshuizen en dementie (terug te kijken op www.human.nl/thuis-op-zuid). Deel drie van deze serie is in de maak.

Deel deze pagina